“Een leugenaar moet een goed geheugen hebben”

Betekenis
Wanneer iemand liegt, moet diegene al zijn eerdere verzinsels goed onthouden. Dit is cruciaal om niet tegenstrijdige verhalen te vertellen. Zonder een uitstekend geheugen zal de leugenaar zichzelf vroeg of laat tegenspreken. Dit leidt onvermijdelijk tot het verlies van geloofwaardigheid. Uiteindelijk zal de waarheid boven tafel komen doordat de leugens niet meer kloppen.
Wanneer gebruik je dit?
Dit spreekwoord gebruik je wanneer iemand, vaak na meerdere uitspraken, betrapt wordt op inconsistenties in zijn verhaal. Stel, een politicus vertelt steeds een andere versie van een gebeurtenis. Wanneer de verschillende versies aan het licht komen, kun je zeggen: 'Ach, een leugenaar moet een goed geheugen hebben', om aan te geven dat de persoon zichzelf in de problemen heeft gebracht door de leugens niet te onthouden.
Herkomst
De oorsprong van dit spreekwoord ligt diep in de klassieke oudheid. Erasmus nam het al op in zijn beroemde 'Adagia', waar hij verwees naar de Romeinse schrijver Apuleius. Ook de retoricus Quintilianus noemde een vergelijkbare uitdrukking, 'memores esse oportet', wat betekent 'zij die liegen moeten zich alles herinneren'. Vanaf de zestiende eeuw duikt het spreekwoord steeds vaker op in Nederlandse spreekwoordenboeken, wat de blijvende relevantie benadrukt. De aanwezigheid van vergelijkbare gezegden in andere Europese talen, zoals het Frans en Engels, bevestigt de universele wijsheid van deze uitdrukking.



Reacties (0)